Schutten tijdens ijsgang
Schutten tijdens vorst is een uitdagende bezigheid. Als het water bevriest geeft dat veel uitdagingen om nog te kunnen schutten. Vooral in kleine sluisjes in Franse kanalen, hebben dan veel last van het ijs. Het ijs blokkeert de sluis, het schip kan niet verder de sluis in omdat het ijs zich dan ophoopt.
In de tijd van de handbediende sluizen, werd er met allerhande truukjes er voor gezorgd, dat de sluis vrij bleef van ijs. Hiervoor werd er zachtjes gespuid door de sluis. De beweging van het water voorkwam dan het bevriezen van het water. Maar ook ijsspuien met een deurenset open kwam voor. IJs moest tussen de deuren uit geduwd worden, want anders kon de deur niet goed genoeg open, en kon het schip niet invaren. De sluizen zijn maar centimeters breder, dan de schepen die er door varen.
Wat ook gedaan werd, mochten er meer schepen de zelfde kant op moeten, was convooivaart. Als het eerste schip in de sluis lag, draaide die met de schroef de invaart van de sluis vrij. Het volgende schip kwam dan met de kop tussen net in de sluis liggen, zodat het ijs niet opnieuw in de sluis zou komen.
Er werd ook wel met een balk in de schotbalkenuitsparing van de sluis gewerkt. Soms een echte balk, maar meestal een mooie rechte boomstam met een touwtje, wat in de schotbalkenuitsparing werd gelegd. Dit hield het ijs dan tegen, maar je moest heel rustig opschutten, zodat het ijs niet onder de balk door getrokken werd door de stroming.